BIM in utiliteitsbouw: zo helpt digitale afstemming om faalkosten te beperken

BIM helpt verschillen tussen constructie, installaties en gebruik vroeg te bespreken. Afspraken en opvolging bepalen of het model ook werkelijk bijdraagt.

Schaalmodel van een bedrijfshal met zichtbare constructie en installatieroutes

BIM helpt bij utiliteitsbouw om bouwkundige en technische keuzes vroeg naast elkaar te leggen. Je beperkt daarmee vooral de kans dat een onopgelost verschil pas op de bouwplaats zichtbaar wordt. Dat lukt alleen als het bouwteam dezelfde uitgangspunten gebruikt, afwijkingen bespreekt en besluiten verwerkt. Een fraai driedimensionaal model alleen voorkomt geen faalkosten.

Bij een bedrijfshal komen de draagconstructie, installaties en bedrijfsinrichting samen. Een leiding kan bijvoorbeeld precies door de ruimte lopen die voor een draagbalk is gereserveerd. Ook zonder zo'n directe botsing kan een ontwerp onpraktisch zijn, doordat onderhoud aan een installatie straks nauwelijks mogelijk is. Digitale afstemming maakt zulke vragen eerder bespreekbaar, zolang de benodigde onderdelen werkelijk in het model staan.

Begin bij de informatie die je nodig hebt

Bepaal eerst welke besluiten het model moet ondersteunen. Voor een vroege indelingskeuze heb je andere informatie nodig dan voor het bestellen van prefab onderdelen. Als je dat verschil overslaat, krijgt een voorlopige maat al snel het gewicht van een definitief besluit.

Spreek daarom af welke partij welke informatie aanlevert, wanneer die gereed moet zijn en wie haar controleert. Denk aan de ligging van bouwlagen, namen van bestanden en de positie van de verschillende deelmodellen. De BIM basis informatieleveringsspecificatie van digiGO beschrijft afspraken voor deze eenduidige uitwisseling. Zulke afspraken zijn geen vervanging van het ontwerp, maar zorgen dat de betrokken partijen hun informatie op dezelfde manier kunnen terugvinden en combineren.

Vraag als opdrachtgever welke bedrijfsprocessen al zijn uitgewerkt. Een looproute, heftruckbeweging of onderhoudszone verschijnt niet vanzelf in een bouwkundig model. Lever je eigen gebruikseisen dus aan voordat het team conclusies trekt over een goede indeling.

Een gevonden botsing is nog geen opgelost probleem

Een digitale controle kan laten zien dat twee onderdelen dezelfde ruimte gebruiken. Vervolgens moet iemand bepalen wat er verandert. Kan een leiding worden verlegd, moet een installatie kleiner worden of is een andere constructieve oplossing nodig? Daarbij horen gevolgen voor bereikbaarheid, uitvoering en beheer.

Een bruikbare afspraak gaat verder dan een lijst meldingen. Leg per belangrijk knelpunt vast wie het oppakt, welke keuze nodig is en bij welke nieuwe modelversie de oplossing wordt gecontroleerd. Zonder die opvolging blijft het probleem bestaan, ook als het tijdens verschillende overleggen opnieuw op het scherm verschijnt.

Neem een leiding boven een productielijn als denkvoorbeeld. Alleen naar vrije ruimte kijken kan een technisch passend ontwerp opleveren. Maar wanneer die leiding later onderhoud nodig heeft, kan de productielijn in de weg staan. Door naast de montage ook het toekomstige onderhoud te bespreken, verandert de ontwerpvraag van ‘past het?’ in ‘kunnen we het straks gebruiken en onderhouden?’. Dit voorbeeld laat zien welke vragen je vóór de uitvoering kunt bespreken.

Laat gebruikers de indeling beoordelen

Niet iedere medewerker leest een technische tekening gemakkelijk. Een ruimtelijke weergave kan helpen om de werkplek en routes te bespreken. Vraag gebruikers vervolgens naar concrete situaties: waar wachten goederen, welke deuren staan tijdens het werk open en waar moet iemand bij een storing kunnen komen?

Op de pagina over de werkwijze van Aan de Stegge Twello staat beschreven hoe het bedrijf BIM en een virtuele rondgang inzet bij ontwerp en bouw. Gebruik een dergelijke bespreking om keuzes te toetsen aan het dagelijkse werk. Een rondgang zegt op zichzelf niets over een gegarandeerde besparing of foutloos eindresultaat.

Maak duidelijk wanneer een keuze vastligt

Een model blijft tijdens het ontwerp veranderen. Spreek daarom af welke versie voor welk besluit geldt en hoe wijzigingen worden doorgegeven. Dat is vooral van belang zodra onderdelen worden besteld of werk wordt voorbereid. Een correctie op het scherm draait een bestelling immers niet automatisch terug.

Vraag bij een ontwerpoverleg om 3 concrete uitkomsten: de nog openstaande gebruiksvragen, de afwijkingen waarvoor een besluit nodig is en de onderdelen die al voor uitvoering zijn vrijgegeven. Zo zie je waar verder onderzoek nodig is en waar wijzigen gevolgen kan hebben. De waarde van BIM zit dan in een beter afgestemd besluitproces. Hoeveel faalkosten daarmee worden voorkomen, kun je zonder projectgegevens niet vooraf als vast percentage noemen.